Diarree, tekorten, vermoeidheid of buikpijn… Coeliakie blijft een ziekte die zich moeilijk laat diagnosticeren. Coeliakie (glutenintolerantie) treft ongeveer 1% van de bevolking in West-Europa. Voor België zijn dit bijna 120.000 mensen. Toch zou deze diagnose slechts bij een minderheid van hen effectief gesteld zijn.

Americo Taricone
KLINISCH BIOLOOG BIJ SYNLAB
De ziekte wordt veroorzaakt door de inname van gluten, een stof die met name in tarwe, gerst en rogge zit. “Ook met kant-en-klaargerechten is het opletten, want heel wat bewerkte voeding bevat gluten”, benadrukt Americo Taricone, klinisch bioloog bij Synlab.
Symptomen die soms moeilijk te identificeren zijn
Het blijft moeilijk een diagnose te stellen, vooral omdat de symptomen sterk kunnen verschillen van de ene patiënt tot de andere. “De klassieke symptomen zijn diarree, gewichtsverlies, steatorree (of vetdiarree) en, bij kinderen, groeiachterstand. Maar vandaag zien we ook veel vagere symptomen”, legt Americo Taricone uit. Ook ijzertekorten, neurologische stoornissen, buikpijn en leverproblemen kunnen verband houden met de ziekte.
Het laboratorium speelt een centrale rol in de screening. “Zodra er een vermoeden is van coeliakie, wordt een bloedstaal onderzocht op antilichamen tegen weefseltransglutaminase (TTG) en antilichamen tegen endomysium”, legt de klinisch bioloog uit.
Als deze analyses positief zijn, wordt de patiënt doorverwezen naar een gastro-enteroloog voor een gastroscopie met intestinale biopsieën. Ook essentieel, volgens de specialist: “De tests moeten worden uitgevoerd voordat een glutenvrij dieet wordt gestart. Anders kunnen de antilichamen negatief worden en de diagnose vertragen.”
Coeliakie (glutenintolerantie) treft ongeveer 1% van de bevolking in West-Europa. Voor België zijn dit bijna 120.000 mensen.
Biologische opvolging is de sleutel
Zodra de diagnose gesteld is, blijft het laboratorium van dichtbij betrokken bij de opvolging van de patiënt, voor wie de enige behandeling vandaag nog steeds een strikt glutenvrij dieet is. “Als de patiënt geen gluten meer inneemt, is er ook geen darmschade meer,” besluit de specialist.